MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Symptomen

De meest voorkomende symptomen van gynaecologische aandoeningen zijn vaginale jeuk, vaginale afscheiding, abnormaal vaginaal bloedverlies, pijn in het bekkengebied en pijn in de borsten. De betekenis van gynaecologische symptomen is vaak afhankelijk van de leeftijd van de vrouw, omdat leeftijdsgebonden hormonale veranderingen hierbij een rol kunnen spelen.

Vaginale jeuk

Vaginale jeuk kan zowel in het gebied van de uitwendige geslachtsorganen (de vulva) als in de vagina voorkomen. Veel vrouwen hebben af en toe last van vaginale jeuk die vanzelf overgaat. Jeuk wordt alleen als een probleem beschouwd wanneer deze aanhoudt, hevig is of telkens terugkeert.

Vaginale jeuk kan het gevolg zijn van irritatie door chemische stoffen. Dergelijke stoffen komen bijvoorbeeld voor in wasmiddelen, bleekmiddelen, wasverzachters, synthetische weefsels, badschuim, zeep, intiemspray, parfum, maandverband, textielverf, toiletpapier, vaginale crèmes of spoelingen en zaaddodend schuim. Vaginale jeuk kan het gevolg zijn van een infectie (zie Vaginale infecties: Introductie), zoals bacteriële vaginose, candidiasis (een schimmelinfectie) of trichomoniasis (een Protozoa-infectie). Vaginale jeuk kan ook het gevolg zijn van vaginale droogte door hormonale veranderingen rond de menopauze. Andere oorzaken zijn onder meer huidaandoeningen als psoriasis of lichen sclerosus. Lichen sclerosus wordt door dunne, witte plekken rond de opening van de vagina gekenmerkt. Als lichen sclerosus niet wordt behandeld, kan er littekenweefsel worden gevormd en kan het risico van kanker toenemen. Behandeling vindt plaats in de vorm van een crème of zalf met een hoge dosis corticosteroïden (bijnierschorshormonen).

Jeuk kan met afscheiding gepaard gaan. Als de jeuk aanhoudt of gepaard gaat met een vaginale afscheiding die er abnormaal uitziet of vreemd ruikt, is het raadzaam een arts te raadplegen.

Abnormale vaginale afscheiding

Een kleine hoeveelheid vaginale afscheiding is meestal normaal. De afscheiding bestaat uit uit de bloedvaten weggelekt vocht (transsudaat) en vagina-epitheelcellen (voornamelijk in de tweede helft van de cyclus) en ook door de baarmoederhals geproduceerd slijm, waarvan de hoeveelheid sterk cyclusafhankelijk is (voornamelijk in de week vóór de ovulatie). De afscheiding is meestal dun en helder, melkwit of gelig. Hoeveel slijm wordt afgescheiden en hoe dit slijm eruitziet, is afhankelijk van de leeftijd van de vrouw. Normaal gesproken heeft de afscheiding geen geur en gaat deze niet gepaard met jeuk of een branderig gevoel.

Pasgeboren meisjes hebben gewoonlijk ook vaginale afscheiding. Vaak is dit slijm vermengd met een kleine hoeveelheid bloed. Deze afscheiding is het gevolg van oestrogeen dat vóór de geboorte van de moeder wordt opgenomen. De afscheiding houdt meestal binnen twee weken op doordat de oestrogeenspiegel in het bloed daalt. Daarna hebben jonge meisjes normaal gesproken geen noemenswaardige vaginale afscheiding totdat ze bijna in de puberteit zijn.

Tijdens de vruchtbare jaren van een vrouw variëren de hoeveelheid en het uiterlijk van de normale vaginale afscheiding met de menstruele cyclus. Zo wordt er in het midden van de cyclus, rond de ovulatie (eisprong), meer slijm geproduceerd en is het slijm dunner. Zwangerschap, het gebruik van orale anticonceptiemiddelen en seksuele opwinding hebben ook invloed op de hoeveelheid en het uiterlijk van de afscheiding. Na de menopauze daalt de oestrogeenspiegel en wordt de normale afscheiding vaak minder.

Vaginale afscheiding wordt als abnormaal beschouwd als deze:

  • heviger is dan normaal
  • dikker is dan normaal
  • er pusachtig uitziet
  • wit en klonterig is (als korrelige kwark)
  • grijsachtig, groenig, gelig of met bloed vermengd is
  • onaangenaam ruikt (visachtig)
  • gepaard gaat met jeuk, een branderig gevoel, huiduitslag of slijmvliesirritatie en pijnlijkheid.

Afscheiding kan erop wijzen dat de vagina ontstoken is (vaginitis), bijvoorbeeld als gevolg van een irriterende chemische stof (zoals bij vaginale jeuk) of een infectie. (zie Vaginale infecties: Introductie)

Bij sommige vrouwen kunnen zaaddodende middelen (spermiciden), glijmiddelen, vaginale crèmes of pessaria de vagina of de vulva irriteren en ontsteking veroorzaken. Bij vrouwen die allergisch zijn voor latex, kan dit gebied door contact met een rubber condoom geïrriteerd raken. Bij jonge meisjes kan een voorwerp in de vagina een ontsteking van de vagina veroorzaken, met een vaginale afscheiding die mogelijk bloed bevat. Meestal is dit voorwerp een stukje toiletpapier dat in de vagina is terechtgekomen. Soms is het speelgoed.

Een witte, grijze of gelige, troebele afscheiding met een onaangename of visachtige geur wordt meestal door bacteriële vaginose veroorzaakt. Een dikke, witte, klonterige afscheiding (die eruitziet als korrelige kwark) wordt meestal door de schimmelinfectie candidiasis veroorzaakt. Een hevige, groengele, schuimende afscheiding die een nare geur kan hebben, wordt meestal veroorzaakt door trichomoniasis, een Protozoa-infectie.

Een waterige, bloed bevattende afscheiding kan worden veroorzaakt door kanker van de vagina, de baarmoederhals of het baarmoederslijmvlies (endometrium). Bestraling van het bekken kan ook een abnormale afscheiding veroorzaken.

Een arts kan de oorzaak van de abnormale afscheiding afleiden uit het uiterlijk van de afscheiding, de leeftijd van de vrouw en andere symptomen. Een monster van de afscheiding wordt onder een microscoop onderzocht om vast te stellen of er sprake is van een infectie; een infectie kan echter alleen door middel van een kweek van de vaginale afscheiding definitief worden vastgesteld. De behandeling is afhankelijk van de oorzaak. Als een product (zoals een crème, poeder, zeep, intiemspray of een bepaald merk condoom) aanhoudende irritatie veroorzaakt, dient dit niet meer te worden gebruikt.

Abnormaal vaginaal bloedverlies

Bloedverlies uit de vagina kan afkomstig zijn uit de vagina zelf of uit een ander geslachtsorgaan. Vaak zal dit de baarmoeder (uterus) zijn. Er is bijvoorbeeld sprake van abnormaal vaginaal bloedverlies als menstruele bloedingen zeer hevig of licht zijn, te frequent voorkomen of onregelmatig zijn. Ook elk vaginaal bloedverlies dat losstaat van de menstruatie, of dat voor de puberteit of na de menopauze optreedt, wordt als abnormaal (zie Menstruatiestoornissen en abnormaal vaginaal bloedverlies: Introductie) beschouwd.

Abnormaal vaginaal bloedverlies kan het gevolg zijn van een aandoening (zoals een verwonding, een infectie of kanker) of van veranderingen in de normale hormonale regulering van de menstruatie. Dergelijke hormonale veranderingen komen vooral voor wanneer de menstruaties net beginnen (bij tieners) of wanneer ze bijna ophouden (bij vrouwen ouder dan 40 jaar (zie Menstruatiestoornissen en abnormaal vaginaal bloedverlies: Introductie)).

Overmatige beharing

Overmatige lichaamsbeharing, vooral in het gezicht, op de romp (als bij mannen) en op de ledematen, wordt ‘hirsutisme' genoemd. Overmatige beharing lijkt misschien geen gynaecologische aandoening, maar wordt wel degelijk als zodanig beschouwd. Een dergelijke beharing is soms het gevolg van abnormale concentraties vrouwelijke en mannelijke hormonen.

Hirsutisme komt vaker voor bij vrouwen na de menopauze, doordat de concentraties vrouwelijke hormonen dan zijn gedaald. Het kan het gevolg zijn van een stoornis van de hypofyse of de bijnieren die tot overproductie van mannelijke hormonen (zoals testosteron Handelsnaam
Andriol
Testoderm
Testoviron
) leidt. Soms ontstaan hierdoor versterkte mannelijke kenmerken (virilisatie). Hirsutisme kan ook het gevolg zijn van het polycysteusovariumsyndroom (PCO-syndroom (zie Menstruatiestoornissen en abnormaal vaginaal bloedverlies: Polycysteusovariumsyndroom)). In zeldzame gevallen is hirsutisme het gevolg van tumoren in de eierstokken (ovaria), porphyria cutanea tarda (een vorm van porfyrie die de huid aantast) of het gebruik van geneesmiddelen als anabole steroïden, corticosteroïden en minoxidil Handelsnaam
Lonnoten
Regaine
.

Door bloedonderzoek kunnen de concentraties mannelijke en vrouwelijke hormonen worden gemeten. Het gebruik van geneesmiddelen die mogelijk de oorzaak zijn, wordt gestaakt. Tijdelijke oplossingen zijn onder meer scheren, epileren, harsen of gebruik van ontharingsmiddelen. Bleken kan effectief zijn bij fijn haar. Lasertherapie helpt tijdelijk. De enige veilige behandeling met een blijvend effect is elektrolyse, waarbij de haarzakjes worden vernietigd. Indien mogelijk wordt de aandoening behandeld die hirsutisme veroorzaakt.

Pijn in het bekkengebied

Veel vrouwen hebben last van pijn in het bekkengebied, dat wil zeggen in het onderste deel van de romp, onder de bovenbuik en tussen de heupbeenderen. Pijn in het bekkengebied kan worden veroorzaakt door problemen met een van de organen in het bekken: de geslachtsorganen (de baarmoeder, eileiders, eierstokken en vagina), de blaas, de endeldarm (rectum) of de blindedarm (appendix). Soms kan pijn in het bekken echter ontstaan in organen buiten het bekken, zoals de darm, de urineleiders (ureters) of de galblaas. Psychische factoren, vooral spanningen en depressiviteit, kunnen ook een rol spelen.

De pijn kan stekend of krampend (zoals menstruatiekramp) zijn of met tussenpozen optreden. De pijn kan plotseling en ondraaglijk zijn, of zeurend en constant. De pijn kan geleidelijk heviger worden. Het gebied kan pijnlijk zijn bij aanraking. De pijn kan gepaard gaan met koorts, misselijkheid en braken.

Wanneer een vrouw plotseling zeer hevige pijn in de onderbuik of het bekken krijgt, moeten artsen snel beslissen of een spoedoperatie vereist is. Voorbeelden van noodsituaties zijn een blindedarmontsteking (appendicitis), een doorgebroken zweer, een aneurysma (plaatselijke verwijding) van de aorta, een gedraaide ovariumcyste, een bekkeninfectie als gevolg van een seksueel overdraagbare aandoening en een zwangerschap die zich buiten de baarmoeder ontwikkelt (ectopische zwangerschap), meestal in een eileider (tuba Fallopii).

Om de oorzaak te kunnen achterhalen, kan de arts de vrouw vragen om de pijn en andere symptomen te beschrijven. De arts zal vragen hoe lang de pijn aanhoudt, waar de pijn zit en of de vrouw dezelfde pijn al eerder heeft gehad. Ook informatie over het tijdstip waarop de pijn begon in relatie tot eten, slapen, geslachtsgemeenschap, beweging, urinelozing en stoelgang kan zinvol zijn, evenals informatie over eventuele andere factoren die de pijn verergeren of verlichten.

De arts tast voorzichtig de gehele buik af en controleert deze op pijnlijke plekken en abnormale gezwellen. Een inwendig onderzoek geeft informatie over de organen die mogelijk zijn aangedaan en of er sprake is van een infectie. Andere mogelijke onderzoeken zijn onder meer bepaling van een volledig bloedbeeld, urineonderzoek, een zwangerschapstest, echografie, computertomografie (CT), magnetische kernspinresonantie (magnetic resonance imaging, MRI) en kweken om op infecties te controleren. Soms is een buikoperatie of laparoscopie (kijkoperatie, waarbij de buik en het bekken inwendig met een kijkbuis worden geïnspecteerd) nodig om de oorzaak van de pijn te kunnen achterhalen.

Als bekend is dat een aandoening de pijn veroorzaakt, kan behandeling hiervan de pijn verlichten. Als een psychische stoornis van invloed is op de pijn, kan counseling of een andere therapie helpen.

Wat zijn de oorzaken van bekkenpijn?

aandoeningen die samenhangen met het voortplantingssysteem

  • buitenbaarmoederlijke (ectopische) zwangerschap
  • endometriose (woekeringen van baarmoederslijmvlies op ongewone plaatsen)
  • vleesbomen (myomen)
  • middenpijn (pijn die halverwege de menstruele cyclus optreedt en door de ovulatie wordt veroorzaakt)
  • bekkenpijnsyndroom (verhoogde bloedtoevoer naar het bekkengebied ongeveer een week voor de menstruatie)
  • ovariumcysten (eierstokcysten) die groot zijn, scheuren of draaien
  • PID (pelvic inflammatory disease, een ontstekingsproces in het kleine bekken)
aandoeningen die niet met het voortplantingssysteem samenhangen
  • blindedarmontsteking (appendicitis)
  • urineweginfecties, zoals blaasontsteking (cystitis)
  • diverticulitis (ontsteking of infectie van een of meer divertikels: zakvormige uitstulpingen van de dikke darm)
  • gastro-enteritis (maag-darmontsteking)
  • ulcusziekte (neiging tot het ontwikkelen van zweren in de maag of twaalfvingerige darm)
  • inflammatoire darmziekte, bijvoorbeeld de ziekte van Crohn
  • lymphadenitis mesenterialis (ontsteking van de lymfeklieren in de buik)
  • stenen in de urinewegen, bijvoorbeeld nierstenen

Borstsymptomen

Symptomen die met de borsten te maken hebben, komen veel voor: pijn in de borsten, knobbeltjes (massieve weefselmassa's of cysten), putjes of kuiltjes in de huid van de borsten en afscheiding uit de tepels. (zie Borstaandoeningen: Introductie)

Borstsymptomen kunnen op een ernstige aandoening wijzen, maar dit is niet altijd het geval. Zo wijst een diffuse pijn die te maken heeft met hormonale veranderingen voor een menstruatie niet op een ernstige aandoening. Omdat de mogelijkheid van borstkanker echter reden tot bezorgdheid geeft en omdat het voor een succesvolle behandeling van groot belang is dat borstkanker in een vroeg stadium wordt ontdekt, dient elke verandering in de borsten door een arts te worden beoordeeld. Bovendien doen vrouwen er verstandig aan eens per maand zelf hun borsten te onderzoeken. (zie Borstaandoeningen:BorstkankerIllustraties)

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Vorige: Gynaecologisch onderzoek

Illustraties
Tabellen
Disclaimer