MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Manisch-depressieve stoornis

Een manisch-depressieve stoornis, ook wel ‘bipolaire stoornis' genoemd, is een stoornis waarin episoden van depressie worden afgewisseld met episoden van manie met een meer of mindere mate van opgewektheid of uitgelatenheid.

Een manisch-depressieve stoornis komt bij iets minder dan 2% van de bevolking in meer of mindere mate voor. Men vermoedt dat de stoornis erfelijk is, hoewel het precieze genetische defect nog onbekend is. De stoornis komt in gelijke mate voor bij mannen en vrouwen. Vrouwen vertonen echter vaker de symptomen van depressie, terwijl mannen juist vaker de symptomen van manie vertonen. Een manisch-depressieve stoornis komt vaker voor bij mensen in hogere sociaal-economische klassen en begint meestal in de tienerjaren, bij twintigers of dertigers.

Symptomen en diagnose

Een manisch-depressieve stoornis begint meestal met een depressie en kent op enig moment tijdens de ziekte minstens één episode van manie. Episoden van depressie duren gewoonlijk drie tot zes maanden. In de ernstigste vorm van de ziekte, ‘bipolaire-I-stoornis' genoemd, wisselen depressie en intense manie elkaar af. In de minder ernstige vorm, ‘bipolaire-II-stoornis' genoemd, worden korte depressieve episoden afgewisseld door hypomane episoden. De depressieve en manische episoden komen vaak terug naar gelang het seizoen. Zo komt depressie bijvoorbeeld voor in de herfst en de winter en komt manie voor tijdens de lente of de zomer.

In een nog mildere vorm van een manisch-depressieve stoornis, de zogeheten ‘cyclothyme stoornis', zijn de episoden van uitgelatenheid en droefheid minder intens. Ze houden gewoonlijk slechts enkele dagen aan en keren tamelijk vaak met onregelmatige tussenpozen terug. Een cyclothyme stoornis kan zich uiteindelijk ontwikkelen tot een ernstiger vorm van manisch-depressieve stoornis, maar bij veel mensen gebeurt dat nooit. Een cyclothyme stoornis kan iemands succes bevorderen bij het zakendoen, in leiderschap, bij prestaties en artistieke creativiteit. De stoornis kan echter ook leiden tot onregelmatige prestaties op het werk of op school, tot veelvuldig verhuizen, herhaalde verbroken relaties of echtscheidingen en misbruik van alcohol en drugs. Bij ongeveer eenderde van alle mensen met een cyclothyme stoornis kunnen deze symptomen leiden tot een stemmingsstoornis die moet worden behandeld.

De diagnose ‘manisch-depressieve stoornis' is gebaseerd op het duidelijk herkenbare patroon van de symptomen. Een arts stelt vast of iemand een manische of een depressieve episode doormaakt zodat de correcte behandeling kan worden gegeven. Ongeveer eenderde van de mensen met een manisch-depressieve stoornis ervaart tegelijkertijd symptomen van manie (of hypomanie) en depressie. Deze toestand wordt een ‘gemengde episode' genoemd.

Prognose en behandeling

Een manisch-depressieve stoornis keert in nagenoeg alle gevallen terug. De episoden kunnen soms wisselen van depressie naar manie, of andersom, zonder een tussenliggende periode met een normale stemming. Bij sommige mensen wisselen de episoden elkaar sneller af dan bij anderen. Maar liefst 15% van de mensen met een manisch-depressieve stoornis, voornamelijk vrouwen, maken vier of meer episoden per jaar door. Mensen bij wie de episoden snel wisselen, zijn moeilijker te behandelen.

Door alle antidepressiva kunnen (soms zeer snelle) wisselingen van depressie naar hypomanie of manie worden veroorzaakt. Om die reden worden deze geneesmiddelen slechts gedurende korte perioden gebruikt en wordt hun effect op de stemming nauwlettend gecontroleerd. Bij het eerste teken van een wisseling naar hypomanie of manie wordt het gebruik van het antidepressivum gestaakt. Meestal wordt bij een behandeling met antidepressiva het beste resultaat verkregen door een stemmingsstabilisator, zoals lithium of een anticonvulsivum te geven.

Lithium heeft geen effect op de normale stemming, maar vermindert bij ongeveer 70% van de mensen met een manisch-depressieve stoornis de neiging tot stemmingswisselingen. Door middel van bloedonderzoek controleert een arts de lithiumspiegel. Mogelijke bijwerkingen van lithium zijn onder meer bevingen, spiertrekkingen, misselijkheid, overgeven, diarree, dorst, overmatige urinelozing en gewichtstoename. De bijwerkingen zijn echter meestal tijdelijk en de arts kan ze verminderen of verlichten door de dosering aan te passen. Lithium kan acne of psoriasis verergeren en kan leiden tot een daling van de schildklierhormoonspiegel in het bloed. In het laatste geval moet een schildklierhormoonsubstituut worden gegeven. Door de dosering te verlagen kunnen de bijwerkingen worden verminderd, maar soms moet het gebruik van lithium worden gestaakt. In dat geval verdwijnen de ongewenste bijwerkingen. In zeldzame gevallen wordt door langdurig gebruik de nierfunctie aangetast. Door middel van bloed- en urineonderzoek moet daarom regelmatig de nierfunctie worden gecontroleerd.

Een bijzonder hoge lithiumspiegel kan leiden tot aanhoudende hoofdpijn, geestelijke verwardheid, slaperigheid, epileptische aanvallen en hartritmestoornissen. De bijwerkingen treden meestal op bij oudere mensen. Vrouwen die proberen zwanger te worden, moeten het gebruik van lithium staken, aangezien lithium in zeldzame gevallen hartafwijkingen bij de foetus kan veroorzaken.

In de afgelopen jaren zijn nieuwere medicamenteuze behandelingen ontwikkeld. Plotselinge manische episoden worden steeds vaker behandeld met risperidon Handelsnaam
Risperdal
, quetiapine Handelsnaam
Seroquel
of olanzapine Handelsnaam
Zyprexa
(medicijnen die ‘atypische antipsychotica' worden genoemd), omdat daarmee veel minder kans op bijwerkingen bestaat. Andere medicijnen die vaak bij manie worden gebruikt, zijn de anti-epileptica carbamazepine Handelsnaam
Tegretol
en valproïnezuur Handelsnaam
Convulex
Depakine
Propymal
. Gebruik van carbamazepine Handelsnaam
Tegretol
kan echter leiden tot een ernstige daling van het aantal rode en witte bloedlichaampjes en valproïnezuur Handelsnaam
Convulex
Depakine
Propymal
kan (voornamelijk bij kinderen) leverbeschadiging veroorzaken en in zeldzame gevallen ernstige schade aan de alvleesklier veroorzaken. Door strenge controle van een arts kunnen deze problemen op tijd worden gesignaleerd. Daardoor zijn carbamazepine Handelsnaam
Tegretol
en valproïnezuur Handelsnaam
Convulex
Depakine
Propymal
nuttige alternatieven voor lithium, vooral voor mensen die niet op andere behandelingen hebben gereageerd.

De laatste tijd wordt het anti-epilepticum lamotrigine Handelsnaam
Lamictal
steeds meer gebruikt om een manisch-depressieve stoornis te behandelen, vooral in de depressiefase. Bij sommige mensen hoeft naast lamotrigine Handelsnaam
Lamictal
geen antidepressivum meer gebruikt te worden. Lamotrigine Handelsnaam
Lamictal
kan net als carbamazepine Handelsnaam
Tegretol
ernstige huiduitslag veroorzaken. De anti-epileptica oxcarbazepine Handelsnaam
Trileptal
en topiramaat Handelsnaam
Topamax
worden ook wel gebruikt.

Psychotherapie wordt vaak aanbevolen voor mensen die stemmingsstabilisatoren gebruiken, voornamelijk om hen te helpen zich aan de therapie te houden. Groepstherapie is vaak zinvol om patiënten en hun partner of familieleden te helpen de manisch-depressieve stoornis te begrijpen en er beter mee om te leren gaan.

Bij lichttherapie worden mensen blootgesteld aan kunstmatig licht. De therapie wordt soms gebruikt om mensen met manisch-depressieve stoornis te behandelen, vooral als ze lijden aan een lichtere en meer seizoensgebonden depressie: herfst-winterdepressies en lente-zomerhypomanie (stoornis met seizoensgebonden patroon). Bij een overmatige dosis licht kan iemand echter doorschieten naar een hypomanie of kan er in sommige gevallen oogbeschadiging optreden. Lichttherapie dient dan ook te worden uitgevoerd door een arts die is gespecialiseerd in de behandeling van stemmingsstoornissen.

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Vorige: Manie

Illustraties
Tabellen
Disclaimer