MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ
In dit onderwerp
Introductie
Naar boven

Sectie

Hoofdstuk

Onderwerp

Introductie

Aan het begin van de twintigste eeuw beschreef de Duitse wetenschapper Paul Ehrlich het ideale geneesmiddel als een ‘magische kogel'; een dergelijk geneesmiddel zou precies gericht zijn op de plaats van een aandoening en geen gezond weefsel beschadigen. Hoewel veel nieuwe geneesmiddelen selectiever zijn dan hun voorgangers, bestaat het ideale geneesmiddel nog steeds niet.

De meeste geneesmiddelen veroorzaken verscheidene effecten. Meestal is echter slechts één effect (het therapeutische effect) gewenst voor de behandeling van een aandoening. De andere effecten kunnen als ongewenst worden beschouwd, of ze nu werkelijk schadelijk zijn of niet. Zo kunnen bepaalde antihistaminica niet alleen de symptomen van een allergie bestrijden, maar ook sufheid veroorzaken. Wanneer een vrij verkrijgbaar slaapmiddel met antihistamines wordt gebruikt, wordt sufheid als een therapeutisch effect gezien. Wanneer een antihistaminicum echter wordt gebruikt om overdag allergiesymptomen tegen te gaan, wordt sufheid als een vervelend, ongewenst effect beschouwd.

De meeste mensen, inclusief artsen en andere zorgverleners, noemen deze ongewenste effecten ‘bijwerkingen' voor effecten die ongewenst, onaangenaam, nadelig of mogelijk schadelijk zijn; een andere term die wel wordt gebruikt is ‘ongewenste voorvallen'. De term ‘bijwerking' mag eigenlijk alleen worden gebruikt voor reacties waarvan vaststaat dat deze in verband staan met (een bepaalde dosis van) het geneesmiddel. Is er geen oorzakelijk verband aangetoond, dan is de term ‘ongewenst voorval' juister.

Het is niet verbazingwekkend dat bijwerkingen algemeen voorkomen. De meeste bijwerkingen zijn relatief licht van aard en veel van deze reacties verdwijnen wanneer het gebruik van het geneesmiddel wordt gestaakt of de dosis wordt gewijzigd. Sommige bijwerkingen verdwijnen geleidelijk doordat het lichaam zich instelt op het geneesmiddel. Andere bijwerkingen zijn ernstiger van aard en houden langer aan. Naar schatting heeft in Europa 3 tot 7% van de ziekenhuisopnamen betrekking op behandeling van bijwerkingen van geneesmiddelen. Telkens wanneer iemand in een ziekenhuis wordt opgenomen, heeft deze patiënt een risico van 10 tot 20% van minimaal één bijwerking.

Met name spijsverteringsstoornissen (gebrek aan eetlust, misselijkheid, een opgeblazen gevoel, obstipatie en diarree) zijn bijwerkingen die vaak voorkomen doordat de meeste geneesmiddelen via de mond worden ingenomen en het maag-darmkanaal passeren. Bijna ieder orgaanstelsel kan echter worden aangedaan. Bij ouderen worden gewoonlijk de hersenen beïnvloed, wat vaak resulteert in sufheid en verwardheid.

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Volgende: Ernst van bijwerkingen

Illustraties
Tabellen
Disclaimer