MERCK MANUAL MEDISCH HANDBOEK
Tips voor betere resultaten
ABCDEFGHI
JKLMNOPQR
STUVWXYZ
In dit onderwerp
Maten en gewichten
Naar boven

Bijlage

Onderwerp

Maten en gewichten

In de geneeskunde zijn precieze maten nodig, bijvoorbeeld wanneer tijdens laboratoriumonderzoek de concentraties van diverse stoffen worden gemeten om de gezondheidstoestand te beoordelen of om een diagnose te stellen. Afhankelijk van de stof kunnen verschillende maateenheden worden gebruikt. Gewoonlijk wordt voor het meten van massa, volume en lengte het decimale stelsel gebruikt. De massa of hoeveelheid stof van een voorwerp wordt in grammen uitgedrukt. Gewicht is nauw verwant aan massa, maar wordt beïnvloed door de zwaartekracht. Het volume of de hoeveelheid ruimte die een voorwerp inneemt, wordt in liters uitgedrukt. De lengte wordt in meters uitgedrukt.

Aan de basiseenheden, zoals meter (m), liter (l) en gram (g), kunnen voorvoegsels worden toegevoegd die een veelvoud of deelfactor van 10 aangeven. Deze voorvoegsels maken het getal dat de hoeveelheid aangeeft, gemakkelijker leesbaar. Veelgebruikte voorvoegsels zijn kilo (k), deci (d), centi (c), milli (m) en micro (m).

Andere eenheden zijn een maat voor andere eigenschappen van een stof. Zo geeft een mol het aantal deeltjes (moleculen of ionen) in een stof aan. Eén mol bevat altijd hetzelfde aantal deeltjes, ongeacht de stof. Het gewicht van 1 mol kan van stof tot stof echter sterk variëren. Eén mol is gelijk aan het molecuulgewicht of atoomgewicht van een stof, uitgedrukt in gram. Het molecuulgewicht van calcium is bijvoorbeeld 40 en 1 mol calcium weegt 40 gram. Osmol (osm) en milliosmol (mosm) geven het aantal deeltjes in een bepaalde hoeveelheid vloeistof aan. Het vermogen van een stof om verbindingen te vormen met een andere stof wordt uitgedrukt in equivalenten (eq) en milli-equivalenten (mEq). Een milli-equivalent komt ongeveer met een milliosmol overeen.

Met behulp van formules wordt een meting van de ene eenheid in een andere omgezet. Dezelfde hoeveelheid kan in verschillende eenheden worden uitgedrukt. De bloedcalciumspiegel is bijvoorbeeld normaal ongeveer 2,5 millimol per liter (mmol/l), 5 milli-equivalenten per liter (meq/l) of 10 milligram per deciliter (mg/dl).

Laatste volledige inspectie/herziening februari 2003

Naar boven

Volgende: Voorvoegsels in het decimale stelsel

Illustraties
Tabellen
Disclaimer